
Laatste handtekening van wethouder Sam Goossens
NieuwsDEN DUNGEN - De ondertekening van een samenwerkingsovereenkomst met Stichting Dungens Broek was voor Sam Goossens dinsdag zijn laatste openbare handeling in functie als wethouder van de gemeente Sint-Michielsgestel. De overeenkomst met Stichting Dungens Broek moet burgerinitiatieven in het buitengebied ondersteunen, met speciale aandacht voor natuurontwikkeling, cultuurhistorie en waterbeheer. Een moment dat volgens hem zowel symbolisch als persoonlijk veel betekenis had. “Mijn laatste formele klus in de hoedanigheid als wethouder in de gemeente Sint-Michielsgestel,” zei Goossens tijdens de bijeenkomst in Den Dungen.
Volgens Goossens sluit de overeenkomst naadloos aan bij een groeiende behoefte in de samenleving. “Wij merken dat inwoners met veel energie en goede bedoelingen naar ons toekomen, maar dat die energie soms wegloopt door de bureaucratie. De stichting wil juist een stukje van die bureaucratie uit handen nemen. Dat vinden wij als gemeente een hele mooie ontwikkeling.” De stichting richt zich op projecten in het buitengebied van Den Dungen en wil inwoners helpen om plannen sneller en eenvoudiger van de grond te krijgen. Daarbij gaat het niet alleen om natuurherstel, maar ook om het zichtbaar maken van de geschiedenis van het landschap. Goossens benadrukte dat juist die koppeling tussen verleden en actuele thema’s van grote waarde is. Hij verwees daarbij naar het historische pontje tussen Den Dungen en ’s-Hertogenbosch, dat vroeger noodzakelijk was omdat het gebied grote delen van het jaar te nat was om over land te reizen.
“Water is weer een heel relevant dossier geworden. Door klimaatverandering krijgen we intensere regenbuien, maar ook drogere zomers. Dat wateroverschot in de winter moeten we bufferen voor het tekort in de zomer.” Volgens de vertrekkend wethouder helpt cultuurhistorie om dat bewustzijn tastbaar te maken. “Mensen realiseren zich dan: we wonen eigenlijk in een heel nat gebied. Misschien waren juist de afgelopen vijftig of zestig jaar de uitzondering op de norm.” Dat thema raakt hem ook persoonlijk. Goossens gaf toe dat natuur, landschap en cultuurhistorie onderwerpen zijn waar zijn hart sneller van gaat kloppen. “Dat zijn plekken en mensen waar je veel energie van krijgt. Je kunt er mooie dingen realiseren, maar het brengt ook een stukje bezinning.” De bijeenkomst kreeg daardoor niet alleen het karakter van een officiële ondertekening, maar ook van een afscheid. Goossens: “Zeker een beetje weemoed. Maar ook veel optimisme en motivatie voor de toekomst.”
Na vier jaar wethouderschap kijkt hij terug op een periode die hem zichtbaar heeft gevormd. Hij omschreef het ambt als een uniek beroep met grote verantwoordelijkheden en voortdurende druk. “Iedereen vindt iets van je,” zei hij lachend. “Je hebt te maken met inwoners, de gemeenteraad, de ambtelijke organisatie, verenigingen en de pers. Daar moet je je allemaal toe verhouden.” Ook de onregelmatigheid van het werk speelde een rol. “Het wethouderschap definieert zich ook door brandjes blussen. Soms bijna letterlijk, soms figuurlijk. Dat houdt je ook in de avonden en weekenden bezig.” Een terugkeer naar de politiek in de toekomst sluit hij niet uit. Hoewel hij voorlopig afstand neemt van een bestuursfunctie, blijft hij actief als raadslid. “Mijn hart klopt daar toch iets te snel voor. Ik denk ook dat ik er goed in ben. Maar het is ook een wereld waarin je niet je hele leven moet blijven zitten.”
Als raadslid verwacht hij opnieuw meer vrijheid te ervaren. “Alles wat ik als wethouder zei, werd meteen gezien als het standpunt van de gemeente. Die vrijheid om weer wat vrijer te spreken, daar ga ik ook van genieten.” Goossens liet daarnaast weten dat hij zich zorgen blijft maken over de bestuurlijke toekomst van Sint-Michielsgestel. De discussie over mogelijke gemeentelijke herindelingen of samenwerking met grotere gemeenten, zoals ’s-Hertogenbosch, noemt hij “een geest uit de fles”. “Als je het gesprek niet voert, dan overkomt het je op een gegeven. Ik ben niet van het wegkijken, maar van het aankijken van de realiteit. Je kunt niet doen alsof het niet speelt, want dan loop je het risico dat besluiten uiteindelijk voor je worden genomen.”










