Afbeelding

Meer kinderen maken scheiding mee

Nieuws

SINT-MICHIELSGESTEL - Het aantal kinderen dat te maken krijgt met een scheiding van hun ouders is in Nederland opnieuw toegenomen. In 2023 maakten bijna 43.000 minderjarige kinderen mee dat hun ouders uit elkaar gingen. Dat zijn er ongeveer 3.500 meer dan een jaar eerder. Hiermee zet een stijgende trend in na een tijdelijke daling tijdens de coronaperiode, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Kinderen tussen de 2 en 7 jaar oud krijgen relatief het vaakst met een scheiding te maken. In deze leeftijdsgroep ging het in 2023 om ongeveer 2 procent. Bij oudere kinderen ligt dit aandeel lager. Ook blijkt dat kinderen van ongetrouwd samenwonende ouders vaker te maken krijgen met een scheiding dan kinderen van getrouwde ouders.

Naast nieuwe scheidingen woont een aanzienlijk deel van de kinderen niet bij beide ouders. Op 1 januari 2025 gold dit voor 23 procent van alle minderjarige kinderen in Nederland. In de gemeente Sint-Michielsgestel ligt dit percentage met 12,9 duidelijk lager dan het landelijk gemiddelde. Daarmee behoort de gemeente tot de gebieden waar relatief minder kinderen opgroeien buiten het gezin met beide ouders.

Van de kinderen die niet bij beide ouders wonen, woont het merendeel bij één ouder, meestal de moeder. Een kleiner deel woont in een samengesteld gezin. Co-ouderschap wordt in deze cijfers niet volledig zichtbaar, omdat kinderen maar op één adres kunnen staan ingeschreven.