
Elf broers en zussen samen 800 jaar
DEN DUNGEN - Met zeven zussen en drie broers vierde Leo van de Veerdonk onlangs een bijzonder moment: samen zijn ze 800 jaar oud. De oudste werd met kerst tachtig, de jongste is 63 geworden. “Als je het zo bij elkaar optelt, is het toch iets bijzonders,” zegt Leo. “En we zijn er allemaal nog. Dat vind ik misschien nog wel het mooiste.”
Door Paul Post
Het gezin Van de Veerdonk groeide op in Den Dungen, waar elf kinderen in zeventien jaar tijd werden geboren. “Dat was in die tijd heel normaal,” vertelt Leo. “Onze ouders groeiden op vóór de AOW. Toen was het vanzelfsprekend dat kinderen later voor hun ouders zorgden.” De familie woonde eerst in de Hooijdonkse straat en later aan de Poeldonkse dijk, waar de laatste vijf kinderen werden geboren. “Daar hebben we eigenlijk allemaal onze jeugd doorgebracht.” Met dertien mensen aan tafel was het soms passen en meten. “In de keuken konden tien mensen eten. Drie moesten in de bijkeuken zitten. Dat waren altijd dezelfde drie, en ik was er eentje van,” lacht hij. Ook de slaapkamers waren efficiënt ingedeeld: vier broers op één kamer, zeven zussen verdeeld over twee kamers en de ouders in de kleinste slaapkamer. “We hadden niet veel, maar je kwam niks tekort. En je wist niet beter.”
Het dagelijks leven draaide om aanpakken. Vader werkte op de koude grond in Rosmalen en boerde thuis bij. Er waren koeien, kalveren en een groentetuin. “Dus wij hielpen mee met suikerbieten plukken, aardappels rapen en hout zagen voor de kachel. Dat hoorde er gewoon bij.” Er was een duidelijk verschil tussen jongens- en meisjesklusjes. “Dat was toen heel normaal.” Toch was er ook ruimte voor hobby’s. Leo hield duiven en sierkippen. “Mijn vader hielp mee een kooi te bouwen, want dat kon ik zelf niet. Dat was mooi.” Nieuwe spullen waren schaars. Een eigen fiets kreeg Leo pas rond zijn achtste of negende. “Daarvoor gingen we te voet naar school en naar de kerk, langs de velden en sloten. Dat was gewoon zo. Er is echt niks mis mee.”
Het leven aan de Poeldonkse dijk speelde zich grotendeels buiten af. De polder was hun speelterrein, met in de verte de melkfabriek in Den Bosch als herkenningspunt. Inmiddels loopt de A2 door het gebied en zijn er huizen en een recreatiegebied bijgekomen. “Het is totaal anders. Maar de ruimte en vrijheid die wij hadden, zie je nu bijna niet meer.” Ondanks de generatieverschillen — tussen de oudste en de jongste zit zeventien jaar — is de band altijd sterk gebleven. “De oudsten hielpen de jongsten. Mijn moeder had haar handen vol, dus wij deden veel zelf.” Natuurlijk waren er weleens meningsverschillen, maar van ‘zwarte schapen’ is volgens Leo geen sprake. “Nee, absoluut niet. We kijken elkaar allemaal nog aan en we komen nog heel regelmatig bij elkaar. Daar ben ik dankbaar voor.”
Het idee om de 800 jaar te vieren ontstond toen een van de broers opmerkte dat ze samen die mijlpaal bereikten. “Toen dacht ik: daar wil ik iets mee doen. Gewoon om het niet ongemerkt voorbij te laten gaan.” Leo nodigde iedereen uit voor een gezellig samenzijn. De schoonzoon zorgt voor de foto’s, zodat het moment wordt vastgelegd. Op volgorde van leeftijd: Tiny (80), Nelly, Henk, Francien, Annie, Leo zelf, Tonnie, Harriët, Jos, Maria en Margareth (bijna 63). Samen kregen zij 24 kinderen. Inmiddels is de familie uitgegroeid tot meer dan honderd nakomelingen. “De 106 is onderweg,” zegt Leo trots. “Dan tel je kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen allemaal bij elkaar op.”
Voelen ze zich gezegend? “Ja, dat denk ik wel. We hebben een sterk gestel, denk ik. En een beetje geluk moet je ook hebben. Gezond leven, alles met mate.” In de familie van moeders kant bereikten ook veel ooms en tantes een hoge leeftijd. En nu ze samen 800 jaar vieren, wordt er al voorzichtig vooruitgekeken. “Op naar de 900,” wordt er gegrapt. Omgerekend zou dat over een jaar of negen zijn. “We hadden het er laatst al over dat we dan misschien eerst 850 doen,” zegt Leo met een glimlach. “Maar dat wachten we maar af. Zoals een oud-collega zei: als de Heere het belieft.”