
Voetbaljournalist Henri van der Steen (Sint-Michielsgestel) heeft gemengde WK-gevoelens
NieuwsSINT-MICHIELSGESTEL - “Gepensioneerd voetbaljournalist” Henri van der Steen (72) uit Sint-Michielsgestel maakte zijn WK-debuut in 1982 in Spanje, deed een rondootje met Johan Cruijff en bezocht vanwege zijn sportjournalistieke werk 44 landen. Voetbal was decennialang zijn werk en zijn passie. Maar dat gevoel verdween en na het WK van 2006 haakte hij zelfs volledig af. Tien jaar lang keek hij nauwelijks nog voetbal.
De WK-finale van 2010 tussen Nederland en Spanje zag hij niet eens live. Terwijl miljoenen Nederlanders voor de tv zaten, fietste Van der Steen door Den Bosch voor een krantenartikel over mensen die niét naar de finale keken. Pas de laatste jaren volgt hij het voetbal weer iets intensiever. Soms geniet hij nog van het hoge tempo of van aanvallende ploegen als Paris Saint-Germain en Bayern München. Ook verrassingen in Nederland kunnen hem nog raken. Zo keek hij met plezier naar Telstar, dat volgens hem liet zien dat romantiek in het voetbal nog niet volledig verdwenen is. “Dat soort clubs vind ik mooi. Ploegen die proberen te voetballen en iets onverwachts brengen.”
Voor Henri van der Steen is voetbaljournalistiek nooit vrijblijvend geweest. Geen gezellig meereizen met Oranje, geen vrijblijvende interviews in mixed zones en al helemaal geen journalistiek die zich laat leiden door de behoefte om aardig gevonden te worden. Voor hem was journalistiek een roeping. “Ik ben journalist geworden om de macht te controleren. Bij mij ging het dan over voetbalmacht, maar het principe blijft hetzelfde.” Dat hij zichzelf nog altijd omschrijft als “gepensioneerd voetbaljournalist” zegt alles. Hij werkte als algemeen verslaggever, interviewde kunstenaars en niet-sporters, was zelfs kunstredacteur, maar voetbal bleef zijn wereld. Niet omdat hij supporter was — dat was hij nadrukkelijk niet — maar omdat hij hield van het spel. Technisch, aanvallend, intelligent. “Als de tegenstander van Oranje beter en mooier voetbalt, mogen ze van mij met 5-0 winnen,” zegt Van der Steen zonder aarzeling. Die compromisloze houding leverde hem gedurende zijn carrière bewondering én conflicten op. Met trainers, bestuurders en collega’s.
De WK’s van 1982 en 1986 noemt Van der Steen onvergetelijk. Niet alleen vanwege het voetbal, maar ook vanwege de vrijheid die journalisten toen nog hadden. Tijdens het WK van 1982 in Spanje stapte hij na een wedstrijd simpelweg op de spelersbus van Schotland af. Hij vroeg aanvoerder Graeme Souness om een interview. “Hij zei: morgenmiddag in een barretje bij Marbella. En daar zat hij gewoon. Op tijd. Alle tijd van de wereld. Dat kun je je nu toch niet meer voorstellen?” Ook Mexico 1986 staat in zijn geheugen gegrift. Hij reisde zes weken door het land, deels samen met zijn vrouw. “Twee weken vakantie, twee weken voetbal én vakantie, en daarna twee weken alleen voetbal. Je kon overal komen. Ik zat ook in het stadion toen Diego Maradona met zijn hand scoorde. Dat gebeurde overigens op 100 meter afstand van mijn plek.”
Het WK van 1998 in Frankrijk roept weer een andere herinnering op. Terwijl collega’s een persconferentie bezochten, bleef Van der Steen buiten hangen bij de training van Oranje. Daar zag hij tot zijn verbazing Clarence Seedorf, Edgar Davids en Patrick Kluivert oefenen op schwalbes. “Ze waren serieus aan het trainen om een penalty te versieren en het in de maling nemen van de scheidsrechter. Davids was daar goed in. Hij sprintte het strafschopgebied in en haakte dan zichzelf. Ik schreef er een vernietigend stuk over, maar ik was natuurlijk naïef. Voor hen draaide alles om winnen.”
Het voetbal én de journalistiek zijn veranderd en dat heeft Van der Steen aanvaard. “Ik paste niet meer in het wereldje en het wereldje paste niet meer bij mij. Maar ik kijk met voldoening terug. Want ik heb het veertig, vijfenveertig jaar volgehouden als voetbaljournalist en heb fantastische herinneringen.”
Het komende WK in de Verenigde Staten, Canada en Mexico roept bij Van der Steen nauwelijks enthousiasme op. “Er zullen weinig vernieuwingen zijn die de zaak verbeteren. Alles draait om nog meer geld verdienen. Dat het toernooi over drie landen wordt verspreid is tekenend voor de commercialisering van het voetbal. Ik vond het al bizar dat het WK van 2002 in Japan en Zuid-Korea werd gehouden. En nu doen ze er gewoon nóg een land bij.” Het huidige WK-format, met steeds meer deelnemende landen, spreekt hem evenmin aan. Van der Steen vreest grote kwaliteitsverschillen en een overvloed aan wedstrijden zonder echte betekenis. “48 deelnemende landen is natuurlijk veel te veel. Nu wordt Curaçao enorm gehypet en dat moeten we allemaal fantastisch vinden. Maar ze worden straks met 8-0 weggespeeld en daar moeten we dan nu met z’n allen naar uitkijken?” Aan bespiegelingen en prognoses over het komende WK doet hij niet. “Ik volg het te weinig om dat goed in te kunnen schatten. Ik ga zeker wel kijken en af en toe genieten. Maar ik zal zeker in de groepsfase en door de tijdsverschillen toch ook heel veel overslaan.”










